Latvija
LetlandMore about Letland
- Currency Euro
- Naam in eigen taal Latvija
- Calling code +371
- Internet domain .lv
- Mains voltage 230V/50Hz
- Democracy index 7.24
- Population 1871882
- Gebied 64593
- Driving side right
- Vroege geschiedenis
Zie Geschiedenis van Letland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Kaart van Lijfland aan het eind van de 16de eeuwLetland bleef tot de 12e eeuw onafhankelijk. Omstreeks 1200 werd het door Duitse ridders bezet, die het gebied in twee gewesten verdeelden: Koerland en Lijfland....Lees meer
Read lessVroege geschiedenis
Zie Geschiedenis van Letland voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Kaart van Lijfland aan het eind van de 16de eeuwLetland bleef tot de 12e eeuw onafhankelijk. Omstreeks 1200 werd het door Duitse ridders bezet, die het gebied in twee gewesten verdeelden: Koerland en Lijfland. De Duitsers brachten het christendom met zich mee en daarmee werd Letland een van de laatste Europese landen waarvan het volk gekerstend werd. Uit Duitsers die zich blijvend vestigden in Lijfland en Koerland ontstond de Baltisch-Duitse adel. Tot aan de onafhankelijkheid (1920) bleven zij als grootgrondbezitters de machtigste personen.
Na afloop van de Lijflandse Oorlog (1558-1583) viel Letland in handen van het Pools-Litouwse Gemenebest. Het hertogdom Koerland en Semgallen werd gevormd, evenals het hertogdom Lijfland dat nog een periode van Zweedse overheersing doormaakte. In dezelfde periode gingen de Letten van het katholicisme over naar het protestantisme.
Na de Grote Noordse Oorlog viel Lijfland in 1721 in Russische handen. In 1795 viel Pools-Koerland in handen van de Russen. Van juli tot december 1812 was Letland bezet door de Fransen. Nadien werd het Russisch gezag hersteld en waren Koerland en Lijfland semi-autonome hertogdommen. In 1817 werd het lijfeigendom afgeschaft. In 1889 verviel de autonomie van Lijf- en Koerland en voerden de Russen een russificatiepolitiek.
De revolutie van 1905 bracht veel beroering onder de Letten en wakkerde het nationalisme aan. Letse marxisten van de Letse Sociaal-Democratische Arbeiderspartij vormden de meerderheid in de gemeenteraden, gevolgd door de nationalisten. Omstreeks 1906 was het Russisch gezag hersteld.
Interbellum (1918-1940)
Karlis UlmanisIn 1915, tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) werd Letland door de Duitsers bezet. De Duitsers steunden het in januari 1918 opgerichte Voorlopig Nationaal Regeringscomité van de Letse nationalisten niet, zij steunden liever de Baltische-Duitse adel, die inlijving bij Duitsland voorstonden. In maart en in april 1918 verklaarden de door de Baltisch-Duitse adel gedomineerde landsraden van Koer- en Lijfland dat zij een personele unie met het Duitse keizerrijk wilden. In november 1918 kwam er een regentschapsraad. Onderwijl had de ondergronds Voorlopige Nationaal Regeringscomité onder leiding van Voldemars Zamuels de onafhankelijke republiek Letland uitgeroepen. Op 11 november 1918 capituleerde Duitsland en viel het Rode Leger Letland binnen. De Bolsjewieken installeerden een communistische regering. Met Duitse militaire steun wisten de Letse nationalisten de communisten te verdrijven. In mei 1919 werd Riga ingenomen door het Letse leger. In augustus 1920 kwam er een vredesverdrag met de Sovjet-Unie tot stand. De Russen beloofden "nooit meer aanspraken te zullen maken" op Letland.
In 1920 kreeg Letland een radicaal democratische grondwet en werd de uitvoerende macht ondergeschikt gemaakt aan de wetgevende macht. De centristische Agrarische Unie (LZS) was in de periode 1920-34 de dominerende partij (gevolgd door de sociaaldemocraten). In 1920 werd er door middel van een landhervorming een einde gemaakt aan de dominerende rol van de Baltische-Duitsers.
De steeds elkaar opvolgende regeringen en de ontevredenheid leidde in 1934 tot de coup van Karlis Ulmanis die de titel Vadonis (=leider) aannam en wiens bewind een fascistisch karakter had. In 1936 werd Ulmanis president. Als gevolg van het Molotov-Ribbentrop pact kwam Letland binnen de Russische invloedssfeer te vallen. In 1939 werd de Letse regering gedwongen de regering van de Sovjet-Unie stationering van haar troepen op Lets grondgebied toe te staan. In juni 1940 zond de USSR Letland een ultimatum, dat de regering van Letland onmogelijk kon accepteren. Op 17 juni werd Letland door het Rode Leger bezet. Een nieuwe marionettenregering, geïnstalleerd in juli 1940, verzocht de Sovjet-Unie om Letland als Letse Socialistische Sovjetrepubliek op te nemen binnen het staatsverband van de USSR. Dit verzoek werd in augustus 1940 gehonoreerd.
Deel van de Sovjet-Unie
Het Rode Leger betreedt Riga in 1940Nadat de Letse SSR onderdeel was geworden van de Sovjet-Unie werd het communistisch stelsel ingevoerd. Tot juni 1941 werden 35.000 Letten naar andere delen van de USSR gedeporteerd.
Op 23 juni 1941 werd de Letse SSR bezet door Nazi-Duitsland. Een Letse ondergrondse nationalistische beweging verklaarde Letland onafhankelijk, maar de Duitsers onderdrukten deze beweging. Tijdens de Duitse bezetting (1941-1944) werden er 90.000 Letse joden naar concentratiekampen gedeporteerd. Tussen juli en november 1944 werd Letland weer door de Russen veroverd. Een door de Duitsers opgerichte tegenbeweging van Letse nationalisten werd door de Russen onderdrukt. Desondanks bleven Letse anti-communistische partizanen tot 1949 actief. Tot 1949 werden ruim 40.000 Letten naar Siberië getransporteerd (waarvan 10.000 onder de leeftijd van 16 jaar). Na de dood van Stalin in 1953 trad er een zekere liberalisatie in. Een groep van Letse nationaal-communisten onder leiding van de Letse vicepremier Eduards Berklavs begon met de Lettivicatie van de Letse SSR en drong de invloed van de Russen terug. In juli 1959 werd Berklavs door Moskou afgezet en kwam er een einde aan de Lettificatie. De partijleiding werd vervangen door Moskou-gezinde communisten. Later keerde Berklavs vanuit zijn ballingsoord naar Letland terug en nam de leiding van een ondergronds groep op zich die naar meer democratie streefde (1974).
Ten tijde van de perestrojka van Gorbatsjov, halverwege de jaren '80, kwamen er meer liberale-communisten aan de macht in Letland, hoewel de partijtop zeer pro-Moskou-gezind bleef. In 1988 werd er door Letse nationalisten de Letse Nationale Onafhankelijkheidsbeweging (LNNK) opgericht die steeds meer aanhang kreeg.
Onafhankelijkheid (1991-heden)In mei 1990 riep de pro-onafhankelijkheidsregering van Ivars Godmanis de onafhankelijke republiek Letland uit. De in 1988 aangetreden partijsecretaris van de Letse Communistische Partij, Boris Pugo, werd in 1991 tot aftreden gedwongen. Op 21 augustus 1991 trad Letland uit de USSR en op 6 september 1991 werd deze onafhankelijkheid door het Kremlin erkend.